Home

Klik voor een grotere afbeeldingMeer GRC-herinneringen van Wim Goudriaan

 

De storingen

Computers uit 1967 hadden last van storingen. Als je er een bij IBM kocht, kreeg je er een technicus bij cadeau. Dat gold als service, maar een betere illustratie van de garantie op mankementen bestond natuurlijk niet. Enfin, voor een computer van 256K met een prijskaartje van circa een miljoen Nederlandse guldens mocht je wat verwachten, storingen inbegrepen.

Klik voor een grotere afbeeldingDe technicus werd bij de klant gehuisvest. Niet zomaar ergens in het kantoor, nee, onmiddellijk naast de computerzaal. De man verbleef bijna nog dichter bij de computer dan de dienstdoende arts bij de afdeling Intensive Care. Binnen 3 seconden ter plaatse, kom daar nu nog maar eens om.

Bij het IEA had hij de beschikking over een van daglicht verstoken kamertje van 2,5 bij 2 meter voorzien van een werkblad, een boekenplank, TL-buizen en enkele stopcontacten. Of de technicus in kwestie deze baan had gekregen als een vorm van alternatieve straf weet ik niet, maar, naar zijn verblijfplaats te oordelen, moest hij ooit in zijn leven iets heel ergs hebben gedaan. Op het werkblad bevond zich wat gereedschap. Blikvanger was het soldeerstation, jargon voor een-altijd-warme-soldeerbout-in-een-houder, kennelijk een onmisbaar attribuut. Op de boekenplank stonden ordners, daar stond waarschijnlijk in wat er in voorkomende gevallen gesoldeerd moest worden.

Computers stoorden niet alleen overdag. Dus ook wel eens als wij probeerden vastlopers aan de gang te krijgen. In een bepaalde periode traden de nachtelijke storingen nogal regelmatig op. Ze kwamen onverwacht en onvoorspelbaar, meestal in de tweede helft van de nacht. De operationele programma’s werden altijd het eerst gedraaid en die hadden er daarom meestal geen last van, de testruns die daar op volgden des te meer. Dat gaf een hoop gedoe. ’s Nachts was de technicus er niet, hij sliep waarschijnlijk. Totdat Jan Boel belde. Hij begon dan ’s morgens in alle vroegte met zijn magisch werk.

Jan Boel hoorde na verloop van tijd van de man-in-kwestie dat geen raad wist met onze storingen, hij kon niets vinden. Alles had hij dagenlang (enkele uren per dag) nagelopen en doorgemeten, niets te vinden. Andere, nog knappere mannen waren verschenen, alles nogmaals gecontroleerd, tevergeefs; de storingen bleven komen. Ten einde raad bleef de technicus ook enkele nachten erbij om te zien of wij iets verkeerds deden. Wat je kon verwachten gebeurde, namelijk niets. Net als met kiespijn, zit je eindelijk bij de tandarts, weg pijn. Uiteindelijke conclusie: het ligt niet aan de computer, het ligt niet aan de bediening, maar het ligt aan ‘iets anders’.

Het ‘iets-anders’ was de omgeving. Er waren twee veronderstellingen: 1. te hoge temperatuur of 2. statische elektriciteit. De airco werd nagekeken, er werden thermografen geplaatst: geen bijzonderheden. Alle aardleidingen werden doorgemeten en alles wat nog niet was geaard werd alsnog geaard: geen resultaat. Speciale antistatische matten werden neergelegd: geen soulaas. De vloerbedekking in de computerzaal werd compleet vervangen: geen effect.

Op een zeker moment hoorde ik dat zelfs de stoelen waarmee wij ons favoriete Zaalvoetbal speelden de dag ervoor waren vervangen door andere exemplaren: van kunststof nota bene. De vorige stoelen zouden teveel metaal bevatten daardoor zou er inductie kunnen ontstaan, wat een onzin. Hartstikke vervelend bovendien, want de nieuwe stoelen hadden geen wieltjes meer. Treurnis alom, weg zaalvoetbal. Moesten we weer iets anders bedenken. Dat hebben we wel gedaan, maar zo leuk als met zaalvoetbal is het nooit meer geworden.

O ja, nadat de stoelen waren vervangen hebben de storingen zich niet meer voorgedaan.

 

Wim Goudriaan 

april 2001

terug

begin

verder

 

 

Home

 

Top