In februari 1972 kwam ik
samen met Jan van der Maarel, Henk Houtgraaf en Sjaak Boogaard - in dienst van het GRC en
nadat we alle vier een opleiding Cobol en Systeem Ontwerp Technieken (SOT) gevolgd hadden,
kwam ik bij TW te werken. Programmas werden hier geschreven in de programmeertaal
Fortran, die ik uit een boekje leerde. Omdat het inlezen in Fortran nogal langzaam ging
werd voor het lezen en schrijven een COBOL- en een assembler module gebruikt. Karel
Schröder leerde mij de assembler instructies die hiervoor nodig waren.Op de Siemens
computer werkten we aanvankelijk met het TDOS besturingssysteem en later met BS1000. Voor
de techneuten onder ons heb ik een apart
verhaaltje geschreven over mijn ervaringen met de Siemens computer.
Ik werkte de eerste jaren voor het Gemeentelijk Havenbedrijf samen met Gerard Jansen.
Na enkele weken bij TW doorgebracht te hebben met het bestuderen van het Fortranboek ging
ik samen met Gerard voor het eerst naar een klant, de afdeling statistiek van het
havenbedrijf. Dat overleg ging wel aardig, maar mijn 2e overleg met een klant
ging wat minder. In die tijd gingen Gerard en ik ook voor de politie werken. Bij de eerste
kennismaking ontmoetten we een groepje politiechefs onder leiding van de fameuze
commissaris Blauw. Mij werd verzocht om een verhaal af te steken wat nu eigenlijk een
computer was. Ja ik had een cursus gevolgd en werkte er al een paar weken een
beetje mee maar hoe leg je dat uit, ik begreep het zelf maar half. Ik kreeg niet de
indruk dat ze mijn geďmproviseerd verhaal konden volgen. Voortdurend zag ik de priemende
ogen van de commissaris op mij gericht. Zijn blik leek te zeggen "Die jongen staat
onzin uit te kramen". Achteraf viel het wel mee en we hebben enkele jaren voor de
politie gewerkt. We begonnen met het bijhouden van verkeersongevallen. Later mocht ik ook
een kleine bijdrage leveren bij het oplossen van een moordzaak, overigens zonder
resultaat. Maar ook dat is een apart verhaal.
Al voor mijn komst had onze chef Peter Spek een systeem uitgedacht om
statistieken te verwerken. TABSYS heette het systeem en met behulp van parameters konden
we statistieken in tabelvorm genereren. TABSYS werd in enkele jaren door Tom Keijser en
mij uitgebouwd tot een omvangrijk programma. Peter had ooit zijn architectuur op één
blaadje zebrapapier getekend. Dat blaadje bewaarde ik in mijn bureaula, maar omdat er
zoveel op gekrast was konden we er geen wijs uit. Als we een belangrijke wijziging hadden,
zei Peter "pak even het schema". Hij tuurde er op en dan begon hij enthousiast
te krassen en pijlen te tekenen zodat het document nog minder leesbaar werd. Hij vertelde
dan wat zijn ideeën waren en nadat we het begrepen hadden, borg ik het kostbare relikwie
weer zorgvuldig op.
Na de Siemenstijd brak het HP tijdperk aan. Toen gingen we met beeldschermen werken en
verdwenen de ponsmachines heel snel. Maar dan hebben we de periode 1966-1976 al lang
verlaten.
Henk Hijdra
SysteemProgrammeur, TW-B