Home

GRC-herinneringen van Henk Hijdra over de Siemens-computer

 

Siemens Tape Disk Operating System (TDOS)

Klik! voor een grotere afbeeldingAanvankelijk werkte het Siemens systeem met het besturingssysteem TDOS. Omdat de programma’s die we schreven veel groter waren dan de 80 KB die de Siemens beschikbaar had moest er heel wat geknutseld worden om de programma-onderdelen over elkaar te leggen. Tenslotte lukte het om programma’s van 600 KB aan de praat te krijgen. De programma’s waren in modules verdeeld. Per module had je een setje ponskaarten van enkele cm’s dikte. Bovendien had elke programmeur een magneetband die hij zuinig in zijn bureaulade bewaarde. Hier stonden alle eerder gemaakte modules op. Had je een nieuw module dan schreef je een ponsdocument en liet dat door de ponskamer op ponskaarten zetten. Bij een wijziging pakte je het oude setje, verving wat kaarten en deed het elastiekje er weer om.

De nieuwe of gewijzigde modules in kaartvorm en je magneetband gaf je af bij werkvoorbereiding. Tijdens de verwerking werden de setjes ponskaarten ingelezen en vertaald en samen met de modules op de magneetband werd een nieuwe magneetband aangemaakt. Bovendien werden de modules ge-linked (in overlay) tot een nieuw uitvoerbaar programma dat ook op de magneetband werd gezet. Op een ComputerOpdracht (CO) gaf je nauwkeurig aan welke tape waar opgehangen diende te worden.

 

Klik! voor een grotere afbeelding Saint Germaine des 4004

Siemens BS1000

Klik! voor een grotere afbeeldingNa enkele jaren gingen we over op BS1000. Hier werden de programma’s op een heuse harddisk bewaard. Je hoefde alleen de gewijzigde regels opnieuw te verponsen en bij werkvoorbereiding aan te leveren, dan werden de modules aangepast. Dat aanleveren kon in theorie 2x per dag: ’s avonds voor de grote testrun, en ’s morgens voor de kleine testrun. Die laatste verviel vaak als men wat achterstand had met de productie. Omdat je vaak een tikfoutje gemaakt had, liep de vertaling van het programma fout zodat je in de praktijk maar enkele keren per week je programma echt kon testen. Het spreekt voor zich dat het "deskchecken" heel belangrijk was: zorgvuldig liep je uren lang achter je bureau door het programma. De verandering van waarde van belangrijke items hield je op kladblaadjes bij. Als je er redelijk zeker van was dat de logica van je programma goed was kon je het inleveren: een programmeur was goedkoop en een computer erg duur.

Henk en de moord op de taxi-chauffeur hier

terug

begin

verder

Home

 

Top