Home

Adraan BuitelaarGRC-herinneringen van Adriaan Buitelaar

 

Ik denk nog vaak terug aan de geweldige ontwikkelingen vanaf 1966 op het gebied van hardware, opslagmedia en programmering. Ik herinner me vrachtautootjes met stalen bakken met ponskaarten en ik zie Evert Jansen, Jacob Treur en Jan van Baardewijk ermee jongeleren op IBM-apparaten. Later ging Jan Boel met anderen ermee naar het IEA aan de Diergaardesingel om gegevens via een IBM 360/20 te verwerken. Onze eerste schreden op computergebied.

Korte tijd later gingen we naar de Walenburgerweg en werd de computerzaal geheel gevuld door twee Siemens computers met rijen magneetbandunits.schijven De magneetband was een nieuw opslagmedium. En die banden maar draaien en veel tijd vragen. Toen kwamen de magneetschijven als opslagmedium met hun directe toegankelijkheid. En de schijven kregen meer platen en konden steeds meer en steeds dichter informatie bevatten.

Toen kregen we de problemen van doorberekening van de kosten aan projecten/klanten. Meer dan één programma draaide en met "walltime" kwamen we niet meer uit. Bovendien beïnvloedde programma's elkaar qua doorlooptijd. Er moest met veel vallen en opstaan nagedacht en veel vergaderd worden om tot een bruikbare meting van gegevens te komen. CPU-sekonden, geheugenbeslag, input- en output-eenheden.
Het was allemaal zo nieuw en we vatten het zo slecht en Siemens hielp ons ook niet zo goed. Dat waren techneuten en geen financiële mensen, die oog hadden voor doorbelasting van kosten op projectniveau. Kortom, het was een worsteling om tot redelijke tarievenkalkulaties te komen.

Wang PCOp de ene ontwikkeling volgde de andere. Er kwamen HP-computers, die kleiner en krachtiger werden en ingezet werden voor bepaalde klanten en grote projecten. We kregen terminals op ons bureau en later Pc’s, die als terminal konden functioneren.

Verder denk ik nog terug aan "foutenlijsten", die uitgezocht moesten worden, en die wegens tijdgebrek ten onrechte bleven liggen. Kosten werden dus te laat doorberekend met alle aanklevende problematiek met de klanten. Gelukkig werden we wijzer en nam de kennis van automatisering en de mogelijkheden daarvan toe. Het kwam zover dat de input eerst door een screeningsprogramma ging en op die wijze gekuist werd.

Nog wijzer werden we toen we systemen gingen integreren. Daarvoor stonden opéénvolgende systemen los van elkaar. De integratie met controles ertussen was een heel goede greep. Het begon gestroomlijnd te lopen.

Parallel met al die ontwikkelingen was er het personeelsprobleem. Te weinig mensen en te weinig automatiseringskennis en een ambtelijk apparaat dat moeite had met formatieoverschrijdingen. Wat was het GRC toch een buitenbeentje. Te weinig kennis werd opgelost door zelf mensen te (doen) opleiden. Dat heeft wat gekost in tijd en in geld en na twee of drie jaar gingen ze weg omdat ze zich elders vrijer konden ontplooien en meer konden verdienen. (Autootje van de baas).

Dit zijn zo enkele mijmeringen van mij. Anderen kunnen ze vast aanvullen en preciseren en er een leuk verhaal van maken voor de reünie.

Adriaan Buitelaar 

februari 2001

terug

begin

verder

Home

 

Top